HALLELUJAH. *Aleph. Ik zal den HEERE loven van ganser harte; Beth. in den raad en vergadering der oprechten.
Gimel. De werken des HEEREN zijn groot; Daleth. zij worden gezocht van allen die er lust in hebben.
He. Zijn doen is majesteit en heerlijkheid; Vau. en Zijn gerechtigheid bestaat in der eeuwigheid.
Zain. Hij heeft Zijn wonderen een gedachtenis gemaakt; Cheth. de HEERE is genadig en barmhartig.
Teth. Hij heeft dengenen die Hem vrezen, spijze gegeven; Jod. Hij gedenkt in der eeuwigheid aan Zijn verbond.
Caph. Hij heeft de kracht Zijner werken Zijn volk bekendgemaakt; Lamed. hun gevende de erve der heidenen.
Mem. De werken Zijner handen zijn waarheid en oordeel; Nun. al Zijn bevelen zijn getrouw.
Samech. Zij zijn ondersteund voor altoos en in eeuwigheid; Ain. zijnde gedaan in waarheid en oprechtheid.
Pe. Hij heeft Zijn volk verlossing gezonden; Tsade. Hij heeft Zijn verbond in eeuwigheid geboden; Koph. Zijn Naam is heilig en vreselijk.
Resch. De vreze des HEEREN is het beginsel der wijsheid; Schin. allen die ze doen, hebben goed verstand; Thau. Zijn lof bestaat tot in der eeuwigheid.